Ondernemers hekelen publicatie belanghebbenden in UBO-register
17 mei 2017. Het wetsvoorstel om de ‘uiteindelijke belanghebbenden’ van bedrijven te vermelden in het openbare handelsregister, is een te zware inbreuk op de privacy van familiebedrijven. Het voorstel moet daarom in de ijskast, stellen VNO-NCW en MKB-Nederland.
Aandelenbelangen van 25% of meer moeten bekend worden gemaakt als het aan het kabinet ligt. Familiebedrijven vrezen voor de veiligheid van de mensen achter hun bedrijven als dit doorgaat. Het kabinet gaat hiermee bovendien een stap verder dan Brussel. Volgens de vierde anti-witwasrichtlijn mag de toegang tot de gegevens beperkt blijven tot de autoriteiten en andere personen of organisaties die een ‘legitiem belang’ kunnen aantonen. Volgens de ondernemersorganisaties is zowel het wetsvoorstel als de richtlijn in strijd met privacyregels. Zij wijzen op ‘een aantal recente uitspraken van mensenrechtenhoven’ waarin de randvoorwaarden voor privacy-inbreuken ‘aanzienlijk verscherpt’ zouden zijn. ‘Deze uitspraken leiden tot de conclusie dat de richtlijn zelf niet (langer) in overeenstemming is met het EU recht.’ Bron: SC Online 9-05-2017
https://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.png00Burgers Accountants en Adviseurshttps://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.pngBurgers Accountants en Adviseurs2017-05-18 03:03:122017-05-18 03:03:13Ondernemers hekelen publicatie belanghebbenden in UBO-register
Vrije keus bedrijfsarts bij second opinion zal afhangen van contracten
17 mei 2017. De nieuwe Arbowet, die op 1 juli in werking treedt, geeft werknemer het recht om een second opinion in te winnen als het oordeel van hun bedrijfsarts daar aanleiding toe geeft. Hoeveel vrijheid werknemers bij hun keuze hebben, zal afhangen van de contracten die bedrijven hierover afsluiten.
Het onderwerp wordt geregeld in een nieuw Arbeidsomstandighedenbesluit. Dat zou op 1 juli in werking moeten treden, net als de nieuwe wet zelf. Het ontwerp voor het besluit ligt nog bij de Raad van State, maar veel valt al op te maken uit het document dat minister Asscher na een internetconsultatie hierover heeft opgesteld. Daarin staat dat werknemers onder de nieuwe Arbowet het recht hebben “om zelf de second opinion bedrijfsarts te kiezen indien het contract meerdere bedrijfsartsen of arbodiensten bevat”. Dat is een inperking, maar wel een inperking waar ondernemingsraden zelf invloed op hebben, namelijk bij het uitoefenen van hun instemmingsrecht over zo’n contract. De inperking is alleen aangebracht omdat de minister werkgevers niet wil verplichten tot het betalen van kosten “van iedere door de werknemer aan te dragen bedrijfsarts.” Werknemers die een arts willen inschakelen waar hun bedrijf geen contract mee heeft, kunnen dat doen, maar op eigen kosten. De vereniging van bedrijfsartsen NVAB en de koepel van arbodiensten OVAL willen dat werknemers voor het inwinnen van een second opinion moeten kiezen uit een pool van gespecialiseerde bedrijfsartsen. Asscher kan zich voorstellen dat het zaken eenvoudiger maakt. Wel vindt hij dat zo’n pool het best kan worden opgericht in samenspraak met sociale partners. Bron: Inzicht in de OR, 11-05-2017
https://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.png00Burgers Accountants en Adviseurshttps://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.pngBurgers Accountants en Adviseurs2017-05-18 03:03:122017-05-18 03:03:12Vrije keus bedrijfsarts bij second opinion zal afhangen van contracten
17 mei 2017. Ruim 1,2 miljoen werknemers (15 tot 75 jaar) kregen in 2015 te maken met familieleden, partners of bekenden die langdurig zorg nodig hadden. Van die werknemers verleende 57% die zorg zelf. Dat percentage ligt hoger onder werknemers met een vast contract dan onder flexwerkers. Dit blijkt uit analyse van recent gepubliceerde werkloosheidscijfers.
Onder langdurende zorg wordt verstaan een situatie waarin twee weken of langer zorg nodig is voor een ernstig ziek kind, partner, ouder, familielid of bekende. Werknemers met een vaste aanstelling verleenden dergelijke zorg vaker (bijna 58%) dan werknemers met een flexibel dienstverband (bijna 52%), ondanks het feit dat flexwerkers vaker in deeltijd werken dan werknemers in vaste dienst. Oudere werknemers (35 tot 75 jaar) verleenden vaker zorg dan jongere (15 tot 35 jaar). Bekeken naar dienstverband, een vast of flexibel contract, verschillen jongere werknemers meer in zorgdeelname dan oudere. Flexwerkers namen in 2015 minder vaak verlof op bij langdurende zorg dan werknemers met een vaste aanstelling. Van alle werknemers deed bijna 14% dit. Bovendien had nog eens bijna 17% wel behoefte aan verlof, maar nam dat niet op. Ruim 69% had geen behoefte aan verlof. Werknemers met een flexibele aanstelling hadden minder vaak behoefte aan verlof dan werknemers met een vaste aanstelling. Hier speelt ook mee dat ze vaker in deeltijd werken dan werknemers met een vaste aanstelling. Van de werknemers die geen verlof opnamen, maar hier wel behoefte aan hadden, gaf ruim 40% als belangrijkste reden op dat het werk dit niet toeliet. Zij wilden bijvoorbeeld collega’s niet belasten. Daarnaast gaf minder dan 13% aan dat het financieel niet haalbaar was. Verder gaf iets minder dan 8% aan niet bekend te zijn met de verlofregelingen, ruim 6% had te weinig verlofdagen. De overige werknemers (33%) noemden geen specifieke reden. Het verlenen van zorg en het gebruik van verlof daarvoor verschilt ook tussen mannen en vrouwen. Vrouwen verleenden in 2015 vaker langdurige zorg dan mannen. Mannen die zorg verleenden namen vaker verlof op dan vrouwen. Hierbij speelt een rol dat mannen vaker voltijds werken dan vrouwen. Bron: CBS 11-05-2017
https://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.png00Burgers Accountants en Adviseurshttps://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.pngBurgers Accountants en Adviseurs2017-05-18 03:03:112017-05-18 03:03:12Onder flexwerkers minder mantelzorgers
15 mei 2017. De loonafspraken in de cao’s die in april zijn afgesloten waren bovengemiddeld: 1,77%. Het jaargemiddelde voor 2017 loopt daardoor op van 1,51 naar 1,56 procent. De spreiding rond dat gemiddelde is nog steeds groot met de hoogste loonafspraken in de metaalindustrie (2,0%) en de laagste afspraken in de financiële dienstverlening (0,8%).
Dit jaar lopen in totaal 433 cao’s af voor bijna 2,75 miljoen werknemers. Inmiddels is bijna een kwart van de aflopende cao’s al vernieuwd. Met 19 afspraken was het aantal akkoorden in de maand april aan de lage kant. Daaronder bevinden zich wel enkele grote cao’s, zoals Tata Steel, de cao’s Metaal en Techniek (kleinmetaal) en het beroepsgoederenvervoer. Het aantal werknemers dat valt onder de april-akkoorden is daardoor weel wel hoog: 310.000, bijna evenveel als in het gehele eerste kwartaal (380.000 werknemers). Het totale aantal in 2017 afgesloten akkoorden is normaal en volgt het gebruikelijke seizoenpatroon. Mei en juni zijn bijna ieder jaar de drukste cao-maanden en de verwachting is dat in die maanden veel nieuwe cao-akkoorden tot stand zullen komen. Bron: AWVN 10-05-2017
https://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.png00Burgers Accountants en Adviseurshttps://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.pngBurgers Accountants en Adviseurs2017-05-16 02:53:452017-05-16 02:53:46Loonafspraken april bovengemiddeld
12 mei 2017. Volgens Hof Den Bosch kan het Europese Fuchs-arrest met terugwerkende kracht worden toegepast en kunnen ondernemers die voor de datum van het arrest in zonnepanelen hebben geïnvesteerd de voorbelasting op hun factuur terugkrijgen.
Een particulier heeft op 27 maart 2013 een factuur ontvangen voor de plaatsing van zonnepanelen op zijn woning. Naar aanleiding van het Fuchs-arrest van het Hof van Justitie van 20 juni 2013, waarin is geoordeeld dat een particulier die zonnepanelen op zijn huis plaatst en energie aan het net terug levert als btw-ondernemer kan worden aangemerkt, heeft hij zich op 27 juni 2013 aangemeld als ondernemer voor de omzetbelasting en verzocht om jaaraangifte te mogen doen. De particulier wordt door de inspecteur als ondernemer aangemerkt en hij reikt een aangiftebiljet uit voor de periode 27 juni 2013 tot en met 30 september 2013. De particulier verzoekt in het aangiftebiljet om een teruggave van de omzetbelasting op de factuur van maart 2013. De inspecteur is echter van mening dat het verzoek te laat is ingediend omdat de particulier zich niet binnen een maand na afloop van het kwartaal waarin de factuurdatum valt heeft aangemeld als ondernemer. In tegenstelling tot de inspecteur is het hof van mening dat het Fuchs-arrest met terugwerkende kracht kan worden toegepast. Uit vaste jurisprudentie van het Europese Hof volgt dat de rechter een uitleg van het Europese Hof kan en moet toepassen op zaken die zijn ontstaan en tot stand gekomen voor het arrest waarin om uitleg van het betreffende voorschrift is beslist. Alleen het Europese Hof kan beslissen dat voor de uitleg een beperking in tijd geldt. De rechter moet de rechten van een belastingplichtige, die aan het Unierecht worden ontleend, waarborgen. Bron: Hof Den Bosch 4-05-2017
https://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.png00Burgers Accountants en Adviseurshttps://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.pngBurgers Accountants en Adviseurs2017-05-12 11:51:572017-05-12 11:51:58Langere termijn teruggave btw op zonnepanelen
Reparatie derde WW-jaar: premie inhouden op brutoloon
11 mei 2017. De Stichting van de Arbeid heeft een nieuwe brief aan de decentrale cao-partijen gestuurd, waarin de hoofdlijnen voor de reparatie van het ‘derde WW-jaar’ uiteen wordt gezet. In tegenstelling tot eerdere berichten wordt nu duidelijk dat de premie moet worden ingehouden op het brutoloon.
Bij het uitwerken van een oplossing voor het derde WW-jaar bleek dat om aan alle voorwaarden te kunnen voldoen (algemeen verbinden verklaren, toezicht DNB, financiering via omslagstelsel) het noodzakelijk is te werken met een beperkt aantal ‘verzamel-cao’s’ die gezamenlijk een landelijke dekking hebben. Cao-partijen kunnen zich vrijwillig aansluiten bij een van de verzamel-cao’s. De uitvoering van de afspraken wordt vervolgens ondergebracht bij een landelijk fonds, de Stichting Private Aanvulling WW en WGA (PAWW). Werknemer die via hun sector deelnemen betalen een premie uit het brutoloon die ongeacht de sector of het bedrijf waar ze werken gelijk is. Deze premie wordt voor 2018 geraamd op 0,3% en zal naar verwacht oplopen tot circa 0,6% in 2022. Het brutoloon waarop de premie zal worden ingehouden betreft het periodieke brutoloon en de vaste toeslagen. Het maximumbedrag voor de bijdragegrondslag is gelijk aan het in een jaar geldende maximum dagloon voor de wettelijke werknemersverzekeringen. Over de uitkering zal loonbelasting worden ingehouden door de Stichting PAWW. Werknemers die werkloos worden en op dat moment onder een geldende cao-afspraak voor aanvulling van het derde WW-jaar vallen, hebben recht op een uitkering. Bron: Stichting van de Arbeid 10-05-2017
https://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.png00Burgers Accountants en Adviseurshttps://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.pngBurgers Accountants en Adviseurs2017-05-11 11:57:272017-05-11 11:57:27Reparatie derde WW-jaar: premie inhouden op brutoloon
11 mei 2017. FNV Bouw wijst haar leden erop dat zij niet automatisch gebonden zijn aan de nieuwe cao die de werkgevers met LBV hebben afgesloten.
Onder verwijzing naar een recente uitspraak van Rechtbank Noord-Holland inzake de cao bij Transavia, geeft de vakbond aan dat de nieuwe cao niet automatische geldt voor werknemers die lid zijn van een vakbond die geen partij is bij de nieuwe cao. Dit geldt ook als in de arbeidsovereenkomst een incorporatiebeding is opgenomen. Bij Transavia was er sprake van een nieuwe cao die niet met alle bonden werd afgesloten. De rechter oordeelde dat de werknemers bij het tekenen van de arbeidsovereenkomst met het incorporatiebeding akkoord gingen in de veronderstelling dat deze telkens zou worden afgesloten met voor de werknemers representatieve bonden. Nu dat voor de FNV-leden niet meer het geval was, oordeelde de rechter dat de werknemers zich op de regelingen uit de oude, vorige cao, waarbij FNV wel van de partij was, konden beroepen. De Schilders-cao is eind vorig jaar afgesloten tussen de werkgevers en een bond, LBV, die nauwelijks leden heeft onder de schilders. Volgens FNV Bouw is hier dus sprake van een vergelijkbare situatie als bij Transavia. FNV Bouw raadt haar leden wel aan indien zij een beroep willen doen op de vorige cao, contact op te nemen met de FNV. Bron: FNV Bouw 10-05-2017
https://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.png00Burgers Accountants en Adviseurshttps://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.pngBurgers Accountants en Adviseurs2017-05-11 11:57:262017-05-11 11:57:27FNV-lid niet gebonden aan nieuwe Schilders-cao
10 mei 2017. Het tijdsverloop tussen de constatering dat zich in de auto geen parkeerkaartje bevond en het op het parkeerkaartje geprinte tijdstip geven aan dat de ambtsedige verklaring van een parkeercontroleur niet consistent is. De naheffingsaanslag parkeerbelasting wordt vernietigd.
De bestuurster van een auto probeert met haar pinpas een parkeerkaartje te kopen bij een parkeerautomaat. Omdat de parkeerautomaat weigert en de controleur bij de auto staat, is de bestuurster allereest naar de controleur toegelopen om aan te geven dat zij op zoek was naar een werkende parkeerautomaat. Vervolgens heeft zij bij die andere automaat een kaartje gekocht en deze vervolgens in de auto gelegd. De parkeercontroleur heeft om 17.26 uur geconstateerd dat er geen kaartje in de auto lag en een naheffingsaanslag opgelegd. Om 17.35 uur heeft de controleur aangegeven dat bestuurster naar haar toe is gekomen om aan te geven dat zij alsnog een parkeerkaartje gaat kopen. Op het parkeerkaartje staat als tijdstip 17.29 uur. Na ongeveer twee maanden heeft de parkeercontroleur een ambtsedige verklaring over de situatie opgemaakt. Het hof acht de verklaring van de bestuurster dat zij aansluitend aan het parkeren alleen maar bezig is geweest met het kopen van een parkeerkaartje geloofwaardig. De verklaring van de parkeercontroleur is, volgens het hof, niet helemaal consistent. Vooral vanwege de tijd die verstreken is tussen het opleggen van de naheffingsaanslag en het contact met de bestuurster, terwijl het parkeerkaartje drie minuten na het opleggen van de naheffingsaanslag is geprint. De naheffingsaanslag wordt vernietigd. Bron: Hof Den Bosch 23-02-2017
https://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.png00Burgers Accountants en Adviseurshttps://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.pngBurgers Accountants en Adviseurs2017-05-11 03:02:262017-05-11 03:02:27Minder betrouwbare verklaring
9 mei 2017. Ingeval een werkgever werkzaamheden verricht die behoren tot verschillende sectoren is voor de sectorindeling bepalend de sector waar de werkgever het grootste bedrag aan premieplichtig loon betaalt. De inspecteur die een werkgever had ingedeeld in de sector waar de werkgever – met ingeleende arbeidskrachten – de meeste omzet behaalde wordt door Hof Den Haag teruggefloten.
Een bv exploiteert sinds 2016 volgens het uittreksel van de Kamer van Koophandel een aannemersbedrijf op het gebied van tuinen, bestratingswerk, grondwerkzaamheden en rioleringen. Voor een deel van deze werkzaamheden, voornamelijk bestratingswerk, huurt zij arbeidskrachten van derden in. De inspecteur doet een onderzoek bij de bv. Hij constateert dat de kernactiviteiten van de bv zijn het aannemen en uitvoeren van de aanleg van tuinen, het uitvoeren van onderhoud aan tuinen, het aannemen en uitvoeren van bestratingswerkzaamheden en het aannemen en uitvoeren van rioleringswerkzaamheden. De inspecteur komt tot de conclusie dat het grootste deel van de omzet is toe te delen aan de bestratingswerkzaamheden, die ressorteren onder sector 3, Bouwbedrijf. Voor Hof Den Haag is in geschil of de bv terecht ingedeeld moet worden in sector 3. Volgens het hof is een onderneming van rechtswege aangesloten bij de sector waartoe de werkzaamheden behoren waarvoor zij als werkgever in de regel het grootste bedrag aan premieplichtig loon betaalt of zal betalen. Anders dan de inspecteur stelt, is het hof van mening dat alleen de werkzaamheden relevant zijn waarvoor de bv loon uit dienstbetrekking betaalt waarover zij premie verschuldigd is. Niet relevant zijn de werkzaamheden waarvoor de bv arbeidskrachten van derden inhuurt (en waarvoor een andere werkgever, de uitlener, premieplichtig is). De werkzaamheden waarvoor de bv loon betaalt waarover premie verschuldigd is, bestaan hoofdzakelijk uit hovenierswerk. De bv dient dus volgens het hof bij sector 1, Agrarisch bedrijf, te worden aangesloten. Bron: Hof Den Haag, 20-04-2017
https://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.png00Burgers Accountants en Adviseurshttps://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.pngBurgers Accountants en Adviseurs2017-05-10 03:11:452017-05-10 03:11:45Niet de omzet is bepalend
Op 8 mei hebben de besturen van MKB-Nederland en VNO-NCW ingestemd met de inrichting van een centrale uitvoeringsfaciliteit voor een private aanvulling op de WW. Het is uiteindelijk aan cao-partijen om de keuze te maken om al dan niet van deze faciliteit gebruik te maken. Werknemers betalen de premie, die maximaal 0,75% van het loon kan bedragen. In beide besturen is een aantal duidelijke zorgen geuit over de op te tuigen constructie. De ondernemersorganisatie hebben een aantal uitgangspunten voor het vervolg geformuleerd:
de gekozen constructie mag niet leiden tot extra bureaucratische rompslomp en administratieve lasten bij werkgevers; er moet een garantie zijn dat de werknemerspremie ook echt een werknemerspremie blijft en in de toekomst niet alsnog op het bordje van de werkgever komt te liggen; er mag geen sprake zijn van precedentwerking – de constructie is puur en alleen voor de uitvoering van het derde WW-jaar.
Bron: VNO-NCW 8-05-2017
https://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.png00Burgers Accountants en Adviseurshttps://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.pngBurgers Accountants en Adviseurs2017-05-09 11:56:092017-05-09 11:56:09Werkgevers akkoord met uitvoering derde WW-jaar
Onze website gebruikt cookies. Als u verder gaat op onze website, gaat u akkoord met het gebruik hiervan. OK
Privacy & Cookies
Privacy Overview
This website uses cookies to improve your experience while you navigate through the website. Out of these cookies, the cookies that are categorized as necessary are stored on your browser as they are as essential for the working of basic functionalities of the website. We also use third-party cookies that help us analyze and understand how you use this website. These cookies will be stored in your browser only with your consent. You also have the option to opt-out of these cookies. But opting out of some of these cookies may have an effect on your browsing experience.
Necessary cookies are absolutely essential for the website to function properly. This category only includes cookies that ensures basic functionalities and security features of the website. These cookies do not store any personal information.
Ondernemers hekelen publicatie belanghebbenden in UBO-register
Ondernemers hekelen publicatie belanghebbenden in UBO-register
Aandelenbelangen van 25% of meer moeten bekend worden gemaakt als het aan het kabinet ligt. Familiebedrijven vrezen voor de veiligheid van de mensen achter hun bedrijven als dit doorgaat. Het kabinet gaat hiermee bovendien een stap verder dan Brussel. Volgens de vierde anti-witwasrichtlijn mag de toegang tot de gegevens beperkt blijven tot de autoriteiten en andere personen of organisaties die een ‘legitiem belang’ kunnen aantonen.
Volgens de ondernemersorganisaties is zowel het wetsvoorstel als de richtlijn in strijd met privacyregels. Zij wijzen op ‘een aantal recente uitspraken van mensenrechtenhoven’ waarin de randvoorwaarden voor privacy-inbreuken ‘aanzienlijk verscherpt’ zouden zijn. ‘Deze uitspraken leiden tot de conclusie dat de richtlijn zelf niet (langer) in overeenstemming is met het EU recht.’
Bron: SC Online 9-05-2017
Vrije keus bedrijfsarts bij second opinion zal afhangen van contracten
Vrije keus bedrijfsarts bij second opinion zal afhangen van contracten
Het onderwerp wordt geregeld in een nieuw Arbeidsomstandighedenbesluit. Dat zou op 1 juli in werking moeten treden, net als de nieuwe wet zelf. Het ontwerp voor het besluit ligt nog bij de Raad van State, maar veel valt al op te maken uit het document dat minister Asscher na een internetconsultatie hierover heeft opgesteld. Daarin staat dat werknemers onder de nieuwe Arbowet het recht hebben “om zelf de second opinion bedrijfsarts te kiezen indien het contract meerdere bedrijfsartsen of arbodiensten bevat”. Dat is een inperking, maar wel een inperking waar ondernemingsraden zelf invloed op hebben, namelijk bij het uitoefenen van hun instemmingsrecht over zo’n contract. De inperking is alleen aangebracht omdat de minister werkgevers niet wil verplichten tot het betalen van kosten “van iedere door de werknemer aan te dragen bedrijfsarts.” Werknemers die een arts willen inschakelen waar hun bedrijf geen contract mee heeft, kunnen dat doen, maar op eigen kosten.
De vereniging van bedrijfsartsen NVAB en de koepel van arbodiensten OVAL willen dat werknemers voor het inwinnen van een second opinion moeten kiezen uit een pool van gespecialiseerde bedrijfsartsen. Asscher kan zich voorstellen dat het zaken eenvoudiger maakt. Wel vindt hij dat zo’n pool het best kan worden opgericht in samenspraak met sociale partners.
Bron: Inzicht in de OR, 11-05-2017
Onder flexwerkers minder mantelzorgers
Onder flexwerkers minder mantelzorgers
Onder langdurende zorg wordt verstaan een situatie waarin twee weken of langer zorg nodig is voor een ernstig ziek kind, partner, ouder, familielid of bekende. Werknemers met een vaste aanstelling verleenden dergelijke zorg vaker (bijna 58%) dan werknemers met een flexibel dienstverband (bijna 52%), ondanks het feit dat flexwerkers vaker in deeltijd werken dan werknemers in vaste dienst. Oudere werknemers (35 tot 75 jaar) verleenden vaker zorg dan jongere (15 tot 35 jaar).
Bekeken naar dienstverband, een vast of flexibel contract, verschillen jongere werknemers meer in zorgdeelname dan oudere.
Flexwerkers namen in 2015 minder vaak verlof op bij langdurende zorg dan werknemers met een vaste aanstelling. Van alle werknemers deed bijna 14% dit. Bovendien had nog eens bijna 17% wel behoefte aan verlof, maar nam dat niet op. Ruim 69% had geen behoefte aan verlof.
Werknemers met een flexibele aanstelling hadden minder vaak behoefte aan verlof dan werknemers met een vaste aanstelling. Hier speelt ook mee dat ze vaker in deeltijd werken dan werknemers met een vaste aanstelling.
Van de werknemers die geen verlof opnamen, maar hier wel behoefte aan hadden, gaf ruim 40% als belangrijkste reden op dat het werk dit niet toeliet. Zij wilden bijvoorbeeld collega’s niet belasten. Daarnaast gaf minder dan 13% aan dat het financieel niet haalbaar was. Verder gaf iets minder dan 8% aan niet bekend te zijn met de verlofregelingen, ruim 6% had te weinig verlofdagen. De overige werknemers (33%) noemden geen specifieke reden.
Het verlenen van zorg en het gebruik van verlof daarvoor verschilt ook tussen mannen en vrouwen. Vrouwen verleenden in 2015 vaker langdurige zorg dan mannen. Mannen die zorg verleenden namen vaker verlof op dan vrouwen. Hierbij speelt een rol dat mannen vaker voltijds werken dan vrouwen.
Bron: CBS 11-05-2017
Loonafspraken april bovengemiddeld
Loonafspraken april bovengemiddeld
Dit jaar lopen in totaal 433 cao’s af voor bijna 2,75 miljoen werknemers. Inmiddels is bijna een kwart van de aflopende cao’s al vernieuwd. Met 19 afspraken was het aantal akkoorden in de maand april aan de lage kant. Daaronder bevinden zich wel enkele grote cao’s, zoals Tata Steel, de cao’s Metaal en Techniek (kleinmetaal) en het beroepsgoederenvervoer. Het aantal werknemers dat valt onder de april-akkoorden is daardoor weel wel hoog: 310.000, bijna evenveel als in het gehele eerste kwartaal (380.000 werknemers).
Het totale aantal in 2017 afgesloten akkoorden is normaal en volgt het gebruikelijke seizoenpatroon. Mei en juni zijn bijna ieder jaar de drukste cao-maanden en de verwachting is dat in die maanden veel nieuwe cao-akkoorden tot stand zullen komen.
Bron: AWVN 10-05-2017
Langere termijn teruggave btw op zonnepanelen
Langere termijn teruggave btw op zonnepanelen
Een particulier heeft op 27 maart 2013 een factuur ontvangen voor de plaatsing van zonnepanelen op zijn woning. Naar aanleiding van het Fuchs-arrest van het Hof van Justitie van 20 juni 2013, waarin is geoordeeld dat een particulier die zonnepanelen op zijn huis plaatst en energie aan het net terug levert als btw-ondernemer kan worden aangemerkt, heeft hij zich op 27 juni 2013 aangemeld als ondernemer voor de omzetbelasting en verzocht om jaaraangifte te mogen doen. De particulier wordt door de inspecteur als ondernemer aangemerkt en hij reikt een aangiftebiljet uit voor de periode 27 juni 2013 tot en met 30 september 2013. De particulier verzoekt in het aangiftebiljet om een teruggave van de omzetbelasting op de factuur van maart 2013. De inspecteur is echter van mening dat het verzoek te laat is ingediend omdat de particulier zich niet binnen een maand na afloop van het kwartaal waarin de factuurdatum valt heeft aangemeld als ondernemer.
In tegenstelling tot de inspecteur is het hof van mening dat het Fuchs-arrest met terugwerkende kracht kan worden toegepast. Uit vaste jurisprudentie van het Europese Hof volgt dat de rechter een uitleg van het Europese Hof kan en moet toepassen op zaken die zijn ontstaan en tot stand gekomen voor het arrest waarin om uitleg van het betreffende voorschrift is beslist. Alleen het Europese Hof kan beslissen dat voor de uitleg een beperking in tijd geldt. De rechter moet de rechten van een belastingplichtige, die aan het Unierecht worden ontleend, waarborgen.
Bron: Hof Den Bosch 4-05-2017
Reparatie derde WW-jaar: premie inhouden op brutoloon
Reparatie derde WW-jaar: premie inhouden op brutoloon
Bij het uitwerken van een oplossing voor het derde WW-jaar bleek dat om aan alle voorwaarden te kunnen voldoen (algemeen verbinden verklaren, toezicht DNB, financiering via omslagstelsel) het noodzakelijk is te werken met een beperkt aantal ‘verzamel-cao’s’ die gezamenlijk een landelijke dekking hebben. Cao-partijen kunnen zich vrijwillig aansluiten bij een van de verzamel-cao’s. De uitvoering van de afspraken wordt vervolgens ondergebracht bij een landelijk fonds, de Stichting Private Aanvulling WW en WGA (PAWW).
Werknemer die via hun sector deelnemen betalen een premie uit het brutoloon die ongeacht de sector of het bedrijf waar ze werken gelijk is. Deze premie wordt voor 2018 geraamd op 0,3% en zal naar verwacht oplopen tot circa 0,6% in 2022. Het brutoloon waarop de premie zal worden ingehouden betreft het periodieke brutoloon en de vaste toeslagen. Het maximumbedrag voor de bijdragegrondslag is gelijk aan het in een jaar geldende maximum dagloon voor de wettelijke werknemersverzekeringen. Over de uitkering zal loonbelasting worden ingehouden door de Stichting PAWW. Werknemers die werkloos worden en op dat moment onder een geldende cao-afspraak voor aanvulling van het derde WW-jaar vallen, hebben recht op een uitkering.
Bron: Stichting van de Arbeid 10-05-2017
FNV-lid niet gebonden aan nieuwe Schilders-cao
FNV-lid niet gebonden aan nieuwe Schilders-cao
Onder verwijzing naar een recente uitspraak van Rechtbank Noord-Holland inzake de cao bij Transavia, geeft de vakbond aan dat de nieuwe cao niet automatische geldt voor werknemers die lid zijn van een vakbond die geen partij is bij de nieuwe cao. Dit geldt ook als in de arbeidsovereenkomst een incorporatiebeding is opgenomen. Bij Transavia was er sprake van een nieuwe cao die niet met alle bonden werd afgesloten. De rechter oordeelde dat de werknemers bij het tekenen van de arbeidsovereenkomst met het incorporatiebeding akkoord gingen in de veronderstelling dat deze telkens zou worden afgesloten met voor de werknemers representatieve bonden. Nu dat voor de FNV-leden niet meer het geval was, oordeelde de rechter dat de werknemers zich op de regelingen uit de oude, vorige cao, waarbij FNV wel van de partij was, konden beroepen.
De Schilders-cao is eind vorig jaar afgesloten tussen de werkgevers en een bond, LBV, die nauwelijks leden heeft onder de schilders. Volgens FNV Bouw is hier dus sprake van een vergelijkbare situatie als bij Transavia. FNV Bouw raadt haar leden wel aan indien zij een beroep willen doen op de vorige cao, contact op te nemen met de FNV.
Bron: FNV Bouw 10-05-2017
Minder betrouwbare verklaring
Minder betrouwbare verklaring
De bestuurster van een auto probeert met haar pinpas een parkeerkaartje te kopen bij een parkeerautomaat. Omdat de parkeerautomaat weigert en de controleur bij de auto staat, is de bestuurster allereest naar de controleur toegelopen om aan te geven dat zij op zoek was naar een werkende parkeerautomaat. Vervolgens heeft zij bij die andere automaat een kaartje gekocht en deze vervolgens in de auto gelegd.
De parkeercontroleur heeft om 17.26 uur geconstateerd dat er geen kaartje in de auto lag en een naheffingsaanslag opgelegd. Om 17.35 uur heeft de controleur aangegeven dat bestuurster naar haar toe is gekomen om aan te geven dat zij alsnog een parkeerkaartje gaat kopen. Op het parkeerkaartje staat als tijdstip 17.29 uur. Na ongeveer twee maanden heeft de parkeercontroleur een ambtsedige verklaring over de situatie opgemaakt.
Het hof acht de verklaring van de bestuurster dat zij aansluitend aan het parkeren alleen maar bezig is geweest met het kopen van een parkeerkaartje geloofwaardig. De verklaring van de parkeercontroleur is, volgens het hof, niet helemaal consistent. Vooral vanwege de tijd die verstreken is tussen het opleggen van de naheffingsaanslag en het contact met de bestuurster, terwijl het parkeerkaartje drie minuten na het opleggen van de naheffingsaanslag is geprint. De naheffingsaanslag wordt vernietigd.
Bron: Hof Den Bosch 23-02-2017
Niet de omzet is bepalend
Niet de omzet is bepalend
Een bv exploiteert sinds 2016 volgens het uittreksel van de Kamer van Koophandel een aannemersbedrijf op het gebied van tuinen, bestratingswerk, grondwerkzaamheden en rioleringen. Voor een deel van deze werkzaamheden, voornamelijk bestratingswerk, huurt zij arbeidskrachten van derden in.
De inspecteur doet een onderzoek bij de bv. Hij constateert dat de kernactiviteiten van de bv zijn het aannemen en uitvoeren van de aanleg van tuinen, het uitvoeren van onderhoud aan tuinen, het aannemen en uitvoeren van bestratingswerkzaamheden en het aannemen en uitvoeren van rioleringswerkzaamheden. De inspecteur komt tot de conclusie dat het grootste deel van de omzet is toe te delen aan de bestratingswerkzaamheden, die ressorteren onder sector 3, Bouwbedrijf.
Voor Hof Den Haag is in geschil of de bv terecht ingedeeld moet worden in sector 3. Volgens het hof is een onderneming van rechtswege aangesloten bij de sector waartoe de werkzaamheden behoren waarvoor zij als werkgever in de regel het grootste bedrag aan premieplichtig loon betaalt of zal betalen. Anders dan de inspecteur stelt, is het hof van mening dat alleen de werkzaamheden relevant zijn waarvoor de bv loon uit dienstbetrekking betaalt waarover zij premie verschuldigd is. Niet relevant zijn de werkzaamheden waarvoor de bv arbeidskrachten van derden inhuurt (en waarvoor een andere werkgever, de uitlener, premieplichtig is). De werkzaamheden waarvoor de bv loon betaalt waarover premie verschuldigd is, bestaan hoofdzakelijk uit hovenierswerk. De bv dient dus volgens het hof bij sector 1, Agrarisch bedrijf, te worden aangesloten.
Bron: Hof Den Haag, 20-04-2017
Werkgevers akkoord met uitvoering derde WW-jaar
Op 8 mei hebben de besturen van MKB-Nederland en VNO-NCW ingestemd met de inrichting van een centrale uitvoeringsfaciliteit voor een private aanvulling op de WW. Het is uiteindelijk aan cao-partijen om de keuze te maken om al dan niet van deze faciliteit gebruik te maken. Werknemers betalen de premie, die maximaal 0,75% van het loon kan bedragen.
In beide besturen is een aantal duidelijke zorgen geuit over de op te tuigen constructie. De ondernemersorganisatie hebben een aantal uitgangspunten voor het vervolg geformuleerd:
de gekozen constructie mag niet leiden tot extra bureaucratische rompslomp en administratieve lasten bij werkgevers;
er moet een garantie zijn dat de werknemerspremie ook echt een werknemerspremie blijft en in de toekomst niet alsnog op het bordje van de werkgever komt te liggen;
er mag geen sprake zijn van precedentwerking – de constructie is puur en alleen voor de uitvoering van het derde WW-jaar.
Bron: VNO-NCW 8-05-2017