4 april 2017. De staatssecretaris heeft vier proefprocedures over de correctie van vooraftrek van omzetbelasting met betrekking tot het privégebruik auto aangemerkt als massaal bezwaar.
In 2011 hebben jurisprudentie en een wijziging in de regelgeving inzake de correctie van vooraftrek van omzetbelasting geleid tot een grote stroom bezwaarschriften met betrekking tot het privégebruik auto. De ingediende bezwaarschriften werden automatisch aangemerkt als bezwaar tegen de btw-correcties in latere jaren. De staatssecretaris heeft vier proefprocedures over de correctie van vooraftrek van omzetbelasting met betrekking tot het privégebruik auto aangemerkt als massaal bezwaar. De procedures zijn in behandeling bij de Hoge Raad en de verwachting is dat binnen afzienbare tijd arrest wordt gewezen. Binnen zes weken nadat in deze procedures bij onherroepelijke rechterlijke uitspraak is beslist over de rechtsvragen, doet de inspecteur een collectieve uitspraak op bezwaar. De uitspraak wordt bekend gemaakt in de Staatscourant en op de website van de Belastingdienst. Bron: MvF 29-03-2017
https://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.png00Burgers Accountants en Adviseurshttps://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.pngBurgers Accountants en Adviseurs2017-04-05 02:49:102017-04-05 02:49:10Massaal bezwaar btw-correctie privégebruik auto
3 april 2017. De achterbannen van CNV Vakmensen en FNV die voorheen onder de KNV-cao vielen, hebben op een bijeenkomst in Utrecht op 1 april het eindbod van de werkgeversorganisaties TLN en VTT voor de cao beroepsgoederenvervoer afgewezen. De aanwezige vakbondsleden besloten dat ze binnenkort actie gaan voeren.
In de nieuwe cao worden de cao’s Goederenvervoer (KNV) en Beroepsgoederenvervoer (TLN) samengevoegd. Volgens de bonden is het eindbod vooral voor de chauffeurs die voorheen onder de KNV-cao vielen nadelig. De komende maand volgen meer informatiebijeenkomsten voor leden. Het is nog niet bekend hoe de stemming precies is in andere sectoren en of ook daar acties volgen. Bron: FD 3-04-2017
https://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.png00Burgers Accountants en Adviseurshttps://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.pngBurgers Accountants en Adviseurs2017-04-03 11:47:232017-04-03 11:47:24KNV-chauffeurs wijzen eindbod Beroepsgoederenvervoer af; acties dreigen
31 maart 2017. Een ondernemer gaat in bezwaar tegen een aanslag reclamebelasting. Zijn bezwaar richt zich tegen het feit dat voor die aanslag de WOZ-waarde van het winkelpand als uitgangspunt is genomen.
De ondernemer is gebruiker van een winkelpand. Aan het winkelpand is een openbare aankondiging aangebracht ter zake waarvan een aanslag reclamebelasting is opgelegd. De hoogte van het tarief is mede gebaseerd op de hoogte van de WOZ-waarde van het winkelpand. De ondernemer stelt dat deze heffing onverbindend is, omdat de heffingsmaatstaf hiermee afhankelijk is gesteld van het vermogen, hetgeen niet is toegestaan. De rechtbank stelt hem in het ongelijk. Uit de parlementaire geschiedenis leidt de rechtbank af dat gemeenten de waarde van de onroerende zaak als heffingsmaatstaf voor gemeentelijke belastingen kunnen hanteren. Omdat de Hoge Raad reeds heeft geoordeeld dat de WOZ-waarde een geoorloofde heffingsmaatstaf is voor de heffing van rioolrecht, is de rechtbank van oordeel dat dat zeker geldt voor een algemene belasting zoals reclamebelasting. Bron: Rb. Zeeland-West-Brabant 23-02-2017
https://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.png00Burgers Accountants en Adviseurshttps://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.pngBurgers Accountants en Adviseurs2017-04-01 03:07:062017-04-01 03:07:07WOZ-waarde toegestaan als heffingsmaatstaf
30 maart 2017. De Eerste Kamer heeft op dinsdag 28 maart het initiatiefwetsvoorstel Beperking wettelijke gemeenschap van goederen, na stemming bij zitten en opstaan, met de kleinst mogelijke meerderheid (38 zetels) aangenomen.
Bij de inwerkingtreding van dit wetsvoorstel wordt de omvang van de wettelijke gemeenschap standaard beperkt. Voorhuwelijks (privé)vermogen, erfenissen en giften vallen niet meer in de gemeenschap, maar blijven tot het privévermogen van de echtgenoten behoren. Enkel hetgeen de beide echtelieden gedurende het huwelijk hebben opgebouwd zal standaard in de gemeenschap vallen. De mogelijkheid om van het wettelijke standaard af te wijken blijft bestaan. De (aanstaande) echtgenoten kunnen voor of tijdens het huwelijk huwelijksvoorwaarden laten opmaken die een algehele gemeenschap regelen. Ook kan een schenker of erflater middels een insluitingsclausule regelen dat een schenking of nalatenschap in de algemene gemeenschap valt. Bron: Eerste Kamer 29-03-2017
https://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.png00Burgers Accountants en Adviseurshttps://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.pngBurgers Accountants en Adviseurs2017-03-31 02:37:302017-03-31 02:37:31Wetsvoorstel beperkte gemeenschap aangenomen
29 maart 2017. De Eerste Kamer heeft ingestemd met het wetsvoorstel Van toepassing verklaring van de Wet minimumloon op nader bepaalde overeenkomsten van opdracht.
Door deze wetswijziging gaat het wettelijk minimumloon ook gelden voor personen die tegen beloning arbeid verrichten op basis van een overeenkomst van opdracht, tenzij het gaat om mensen die fiscaal als ondernemer worden beschouwd. De wetswijziging moet ‘oneigenlijk gebruik’ van de overeenkomst van opdracht tegengaan en oneigenlijke concurrentie op arbeidsvoorwaarden voorkomen. De Eerste Kamer nam ook een motie van het Kamerlid Rinnooy Kan (D66) aan waarin erop werd aangedrongen dat – behoudens voor fiscaal zelfstandigen – de bescherming van het minimumloon voor iedereen moet gelden, dus ook als er geen sprake is van een overeenkomst van opdracht (en ook geen arbeidsovereenkomst). Rinnooy Kan wil dat het wegcontracteren van de fictieve dienstbetrekking voor deze groep onmogelijk wordt gemaakt. Ook wordt er op aangedrongen dat er voor opdrachtgevers een eenvoudiger wijze van verificatie komt om vast te stellen of een opdrachtnemer aangemerkt kan worden als zelfstandige in fiscale zin en aldus niet valt onder de werking van de wet. Bron: Eerste Kamer 28-03-2017
https://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.png00Burgers Accountants en Adviseurshttps://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.pngBurgers Accountants en Adviseurs2017-03-30 02:47:122017-03-30 02:47:13Minimumloon bij overeenkomst van opdracht
29 maart 2017. Het kabinet is positief over de herziene Corporate Governance Code die in december 2016 is gepubliceerd. De nieuwe code legt meer nadruk op de waardecreatie van een organisatie op de lange termijn, benadrukt het belang van een transparant beloningsbeleid en onderstreept de meerwaarde van een aangename bedrijfscultuur. De wettelijke verankering van de code kan nu in gang worden gezet. De herziening is tot stand gekomen onder leiding van de Commissie Van Manen.
De herziene Corporate Governance Code vraagt onder meer aandacht voor de cultuur van een bedrijf, voor het belang van het benoemen van een lange termijnvisie die focust op duurzaamheid en voor een transparant beloningsbeleid. Daarnaast bevordert de code het verminderen van financiële bedrijfsrisico’s. Ook is in de nieuwe code meer aandacht voor diversiteit in de top van bedrijven. De benoemingstermijn van de leden van de Raad van Commissarissen wordt tot in beginsel maximaal twee keer vier jaar beperkt. De code kan rekenen op breed draagvlak binnen de sector. Zo zijn er meer dan 120 reacties binnengekomen en verwerkt van betrokken partijen zoals Vereniging van Effectenbezitters (VEB), Eumedion, Euronext, FNV en CNV, de Vereniging van Effecten Uitgevende Ondernemingen (VEUO) en VNO-NCW. In overleg met het bedrijfsleven, zal het kabinet de herziene Code verankeren in de wet. Dit ter vervanging van de huidige Code Frijns die in 2008 is vastgesteld. Het wetsvoorstel dat dit vormgeeft zal binnenkort worden aangeboden aan de Tweede Kamer. Na de wettelijke verankering zal de naleving van de Corporate Governance Code worden gemonitord door een ingestelde overheidscommissie. Beursgenoteerde bedrijven moeten dan in hun bestuursverslag rapporteren over de wijze waarop ze de Code naleven. Het is vervolgens aan de algemene vergadering om het bedrijf aan te spreken op de naleving ervan. Bron: Min EZ 24-03-2017
https://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.png00Burgers Accountants en Adviseurshttps://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.pngBurgers Accountants en Adviseurs2017-03-30 02:47:112017-03-30 02:47:12Nieuwe wetgeving Corporate Governance Code
29 maart 2017. Een vergoeding voor gereden zakelijke kilometers boven de vrijgestelde kilometervergoeding van € 0,19 is belast loon. De rechter waagt zich niet aan beoordeling van de redelijkheid en billijkheid van die wettelijke regel.
Een accountmanager/dierenartsbezoeker werkt sinds 1979 bij zijn werkgever. Hij heeft zelf een auto aangeschaft en rijdt zowel zakelijke als privékilometers. De werkgever vergoedt de zakelijke kilometers tegen € 0,31 per kilometer, waarbij hij € 0,12 als belastbaar loon aanmerkt en hierover loonheffingen afdraagt. In zijn aangifte inkomstenbelasting geeft de accountmanager € 5.673 aan als aftrekbaar bedrag aan scholingsuitgaven. In de omschrijving vermeldt hij dat het geen studiekosten zijn, maar de belaste kilometervergoeding. Het betreft geen inkomsten, maar gemaakte kosten om zijn werk te blijven verrichten. De inspecteur accepteert de aftrek van scholingsuitgaven niet. De rechtbank overweegt dat de werkgever de kilometervergoeding boven de € 0,19 op grond van de Wet LB 1964 terecht als belastbaar loon aangemerkt. De stelling van de accountmanager dat de wet onbillijk is, kan hem niet baten. De rechtbank is niet bevoegd op grond van redelijkheid en billijkheid de juiste wetstoepassing achterwege te laten. De rechtbank moet volgens de wet rechtspreken en mag nooit de innerlijke waarde of billijkheid van de wet beoordelen. Er is geen sprake van discriminatie tussen het geval van de accountmanager en werknemers met een leaseauto, omdat deze gevallen zowel feitelijk als juridisch niet aan elkaar gelijk zijn. Ook een beroep op het vertrouwensbeginsel ten aanzien van de aangifte inkomstenbelasting, waarbij aftrek in eerdere jaren wel is geaccepteerd kan de accountmanager niet baten. De aangiften over eerdere jaren zijn niet gecontroleerd en er is geen sprake van een bewuste standpuntbepaling van de inspecteur. Het hof sluit zich bij de overwegingen van de rechtbank aan. Bron: Hof Den Bosch 20-01-2017; Rb. Zeeland-West-Brabant 3-09-2015
https://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.png00Burgers Accountants en Adviseurshttps://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.pngBurgers Accountants en Adviseurs2017-03-29 12:06:102017-03-29 12:06:10Bovenmatige kilometervergoeding belast loon
Transitievergoeding bij ontslag wegens langdurige ziekte
27 maart 2017. De regeling voor transitievergoeding bij ontslag wegens langdurige ziekte gaat op de schop. Niet dat de werknemer dit zal merken – hij/zij behoudt gewoon recht op de vergoeding – maar de werkgever krijgt een compensatie via het UWV. Dit is een van de voorstellen uit een vorige week ingediend wetsvoorstel van minister Asscher van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.
De kosten van die compensatie worden volgens het voorstel dan gedragen door alle werkgevers, via de uniforme premie voor het Algemeen werkloosheidsfonds. De Raad van State heeft kritisch geadviseerd over dit voorstel. De Raad vraagt zich waarom niet is teruggegaan naar de situatie voor de Wet werk en zekerheid: geen vergoeding bij ontslag wegens langdurige ziekte. Nu wordt de oorzaak van het probleem voor werkgevers (cumulatie van de kosten van loondoorbetaling en transitievergoeding) niet aangepakt, maar slechts de kosten verdeeld over alle werkgevers. Ook verwacht de Raad van State hoge uitvoeringskosten. Een ander voorstel uit het wetsvoorstel is dat geen transitievergoeding hoeft te worden betaald bij ontslag om bedrijfseconomische redenen, als in de cao een vervangende voorziening is opgenomen. Hier verwacht de Raad van State een toename aan procedures. Want wanneer is sprake van een vervangende voorziening. En wat als een cao niet algemeen verbindend is verklaard? In dat geval zou een werknemer die geen lid is van een vakbond die partij is bij de cao niet gehouden zijn aan die vervangende cao-bepalingen en aanspraak kunnen maken op de wettelijke transitievergoeding. Bron: TK 2016-2017, 34 699, nrs. 2, 3 en 4
https://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.png00Burgers Accountants en Adviseurshttps://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.pngBurgers Accountants en Adviseurs2017-03-28 02:52:192017-03-28 02:52:20Transitievergoeding bij ontslag wegens langdurige ziekte
27 maart 2017. Het kabinet gaat samen met maatschappelijke organisaties zwangerschapsdiscriminatie verder terugdringen. Zo komt er extra controle en wordt er meer aandacht besteed aan een betere melding en registratie van zwangerschapsdiscriminatie. Ook krijgen aanstaande moeders en werkgevers extra voorlichting over hun de rechten en plichten rond zwangerschap.
Volgens het College voor de Rechten van de Mens heeft bijna de helft van de vrouwen in meer of mindere mate te maken met zwangerschapsdiscriminatie. Zo worden zwangere vrouwen soms afgewezen bij sollicitaties, wordt hun contract niet verlengd of kunnen ze geen promotie maken. Ook krijgen zwangere vrouwen soms openlijke kritiek of hebben ze problemen met hun werkgever rond het regelen en opnemen van verlof. De afgelopen periode is er op initiatief van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid met allerlei betrokkenen een actieplan gemaakt met dertien extra maatregelen om zwangerschapsdiscriminatie aan te pakken. Zo worden (aanstaande) moeders onder meer met een speciale app beter op hun rechten en plichten gewezen en er komt meer informatie over dit thema in de groeiboekjes van de consultatiebureaus en de GGD. Ook gaat het team Arbeidsdiscriminatie van de Inspectie SZW gerichter toezicht houden op zwangerschapsdiscriminatie en werkgevers beter voorlichten. Bij het maken en uitvoeren van het actieplan tegen zwangerschapsdiscriminatie zijn onder meer de Inspectie SZW, werkgeversorganisaties en vakbonden, de Koninklijke Organisatie van Verloskundigen (KNOV), de Vereniging Jeugdartsen Nederland, de Nederlandse Vereniging voor Arbeids- en Bedrijfsgeneeskunde, het Voedingscentrum, het UWV en het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen betrokken. Bron: Min SZW 22-03-2017
https://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.png00Burgers Accountants en Adviseurshttps://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.pngBurgers Accountants en Adviseurs2017-03-28 02:52:192017-03-28 02:52:19Actieplan tegen zwangerschapsdiscriminatie
24 maart 2017. Een statutair directeur die in privaatrechtelijke dienstbetrekking stond tot de bv, waarin hij een minderheidsbelang had, kon niet aannemelijk maken dat hij feitelijk in een positie van ondergeschiktheid stond tot de bv. Het UWV had hem volgens de Centrale Raad van Beroep terecht aangemerkt als dga.
Een vennootschap gaat failliet en de curator ontslaat de statutair directeur die tevens 40% aandeelhouder is. De statutair directeur vraagt daarop bij het UWV een WW-uitkering aan. Hij meent dat hij daar recht op heeft omdat hij onder feitelijk gezag zou hebben gewerkt van de algemeen directeur. Het UWV betwist dit en weigert de uitkering. Voor de Centrale Raad van Beroep (CRvB) staat niet meer ter discussie dat er sprake is van een arbeidsovereenkomst. Wel moet volgens de CRvB op grond van de Regeling aanwijzing directeur-grootaandeelhouder (de Regeling) de arbeidsovereenkomst niet als dienstbetrekking worden aangemerkt. Ter zitting heeft de statutair directeur zich vervolgens op het standpunt gesteld dat deze uitkomst in strijd is met een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie betreffende de bescherming van de werknemers bij insolventie van de werkgever. Hij heeft daartoe aangevoerd dat de Regeling een verdergaande beperking inhoudt van de bescherming van werknemers bij insolventie dan op grond van de Insolventierichtlijn mogelijk is. De CRvB komt echter tot de conclusie dat de groep van personen die op grond van de Regeling wordt uitgesloten van een insolventieuitkering in de regel overeenkomt met de groep die daar op grond van toepassing van de Insolventierichtlijn van kan worden uitgesloten. De Regeling bepaalt tot slot dat het UWV bevoegd is een bestuurder niet als directeur-grootaandeelhouder aan te merken, indien deze door feiten en omstandigheden aantoont daadwerkelijk ondergeschikt te zijn aan de AVA. Daar de statutair directeur niet heeft aangetoond dat hij feitelijk in een positie van ondergeschiktheid tot de vennootschap stond, is volgens de CRvB geen aanleiding om hem niet als directeur-grootaandeelhouder aan te merken. Bron: CRvB 15-03-2017
https://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.png00Burgers Accountants en Adviseurshttps://www.burgersaccountants.nl/wp-content/uploads/2016/01/burgers-logo-300x92.pngBurgers Accountants en Adviseurs2017-03-25 02:52:442017-03-25 03:52:45Statutair bestuurder aangemerkt als dga
Onze website gebruikt cookies. Als u verder gaat op onze website, gaat u akkoord met het gebruik hiervan. OK
Privacy & Cookies
Privacy Overview
This website uses cookies to improve your experience while you navigate through the website. Out of these cookies, the cookies that are categorized as necessary are stored on your browser as they are as essential for the working of basic functionalities of the website. We also use third-party cookies that help us analyze and understand how you use this website. These cookies will be stored in your browser only with your consent. You also have the option to opt-out of these cookies. But opting out of some of these cookies may have an effect on your browsing experience.
Necessary cookies are absolutely essential for the website to function properly. This category only includes cookies that ensures basic functionalities and security features of the website. These cookies do not store any personal information.
Massaal bezwaar btw-correctie privégebruik auto
Massaal bezwaar btw-correctie privégebruik auto
In 2011 hebben jurisprudentie en een wijziging in de regelgeving inzake de correctie van vooraftrek van omzetbelasting geleid tot een grote stroom bezwaarschriften met betrekking tot het privégebruik auto. De ingediende bezwaarschriften werden automatisch aangemerkt als bezwaar tegen de btw-correcties in latere jaren. De staatssecretaris heeft vier proefprocedures over de correctie van vooraftrek van omzetbelasting met betrekking tot het privégebruik auto aangemerkt als massaal bezwaar. De procedures zijn in behandeling bij de Hoge Raad en de verwachting is dat binnen afzienbare tijd arrest wordt gewezen. Binnen zes weken nadat in deze procedures bij onherroepelijke rechterlijke uitspraak is beslist over de rechtsvragen, doet de inspecteur een collectieve uitspraak op bezwaar. De uitspraak wordt bekend gemaakt in de Staatscourant en op de website van de Belastingdienst.
Bron: MvF 29-03-2017
KNV-chauffeurs wijzen eindbod Beroepsgoederenvervoer af; acties dreigen
KNV-chauffeurs wijzen eindbod Beroepsgoederenvervoer af; acties dreigen
In de nieuwe cao worden de cao’s Goederenvervoer (KNV) en Beroepsgoederenvervoer (TLN) samengevoegd. Volgens de bonden is het eindbod vooral voor de chauffeurs die voorheen onder de KNV-cao vielen nadelig. De komende maand volgen meer informatiebijeenkomsten voor leden. Het is nog niet bekend hoe de stemming precies is in andere sectoren en of ook daar acties volgen.
Bron: FD 3-04-2017
WOZ-waarde toegestaan als heffingsmaatstaf
WOZ-waarde toegestaan als heffingsmaatstaf
De ondernemer is gebruiker van een winkelpand. Aan het winkelpand is een openbare aankondiging aangebracht ter zake waarvan een aanslag reclamebelasting is opgelegd. De hoogte van het tarief is mede gebaseerd op de hoogte van de WOZ-waarde van het winkelpand. De ondernemer stelt dat deze heffing onverbindend is, omdat de heffingsmaatstaf hiermee afhankelijk is gesteld van het vermogen, hetgeen niet is toegestaan. De rechtbank stelt hem in het ongelijk. Uit de parlementaire geschiedenis leidt de rechtbank af dat gemeenten de waarde van de onroerende zaak als heffingsmaatstaf voor gemeentelijke belastingen kunnen hanteren. Omdat de Hoge Raad reeds heeft geoordeeld dat de WOZ-waarde een geoorloofde heffingsmaatstaf is voor de heffing van rioolrecht, is de rechtbank van oordeel dat dat zeker geldt voor een algemene belasting zoals reclamebelasting.
Bron: Rb. Zeeland-West-Brabant 23-02-2017
Wetsvoorstel beperkte gemeenschap aangenomen
Wetsvoorstel beperkte gemeenschap aangenomen
Bij de inwerkingtreding van dit wetsvoorstel wordt de omvang van de wettelijke gemeenschap standaard beperkt. Voorhuwelijks (privé)vermogen, erfenissen en giften vallen niet meer in de gemeenschap, maar blijven tot het privévermogen van de echtgenoten behoren. Enkel hetgeen de beide echtelieden gedurende het huwelijk hebben opgebouwd zal standaard in de gemeenschap vallen.
De mogelijkheid om van het wettelijke standaard af te wijken blijft bestaan. De (aanstaande) echtgenoten kunnen voor of tijdens het huwelijk huwelijksvoorwaarden laten opmaken die een algehele gemeenschap regelen. Ook kan een schenker of erflater middels een insluitingsclausule regelen dat een schenking of nalatenschap in de algemene gemeenschap valt.
Bron: Eerste Kamer 29-03-2017
Minimumloon bij overeenkomst van opdracht
Minimumloon bij overeenkomst van opdracht
Door deze wetswijziging gaat het wettelijk minimumloon ook gelden voor personen die tegen beloning arbeid verrichten op basis van een overeenkomst van opdracht, tenzij het gaat om mensen die fiscaal als ondernemer worden beschouwd. De wetswijziging moet ‘oneigenlijk gebruik’ van de overeenkomst van opdracht tegengaan en oneigenlijke concurrentie op arbeidsvoorwaarden voorkomen.
De Eerste Kamer nam ook een motie van het Kamerlid Rinnooy Kan (D66) aan waarin erop werd aangedrongen dat – behoudens voor fiscaal zelfstandigen – de bescherming van het minimumloon voor iedereen moet gelden, dus ook als er geen sprake is van een overeenkomst van opdracht (en ook geen arbeidsovereenkomst). Rinnooy Kan wil dat het wegcontracteren van de fictieve dienstbetrekking voor deze groep onmogelijk wordt gemaakt. Ook wordt er op aangedrongen dat er voor opdrachtgevers een eenvoudiger wijze van verificatie komt om vast te stellen of een opdrachtnemer aangemerkt kan worden als zelfstandige in fiscale zin en aldus niet valt onder de werking van de wet.
Bron: Eerste Kamer 28-03-2017
Nieuwe wetgeving Corporate Governance Code
Nieuwe wetgeving Corporate Governance Code
De herziene Corporate Governance Code vraagt onder meer aandacht voor de cultuur van een bedrijf, voor het belang van het benoemen van een lange termijnvisie die focust op duurzaamheid en voor een transparant beloningsbeleid. Daarnaast bevordert de code het verminderen van financiële bedrijfsrisico’s. Ook is in de nieuwe code meer aandacht voor diversiteit in de top van bedrijven.
De benoemingstermijn van de leden van de Raad van Commissarissen wordt tot in beginsel maximaal twee keer vier jaar beperkt.
De code kan rekenen op breed draagvlak binnen de sector. Zo zijn er meer dan 120 reacties binnengekomen en verwerkt van betrokken partijen zoals Vereniging van Effectenbezitters (VEB), Eumedion, Euronext, FNV en CNV, de Vereniging van Effecten Uitgevende Ondernemingen (VEUO) en VNO-NCW.
In overleg met het bedrijfsleven, zal het kabinet de herziene Code verankeren in de wet. Dit ter vervanging van de huidige Code Frijns die in 2008 is vastgesteld. Het wetsvoorstel dat dit vormgeeft zal binnenkort worden aangeboden aan de Tweede Kamer. Na de wettelijke verankering zal de naleving van de Corporate Governance Code worden gemonitord door een ingestelde overheidscommissie. Beursgenoteerde bedrijven moeten dan in hun bestuursverslag rapporteren over de wijze waarop ze de Code naleven. Het is vervolgens aan de algemene vergadering om het bedrijf aan te spreken op de naleving ervan.
Bron: Min EZ 24-03-2017
Bovenmatige kilometervergoeding belast loon
Bovenmatige kilometervergoeding belast loon
Een accountmanager/dierenartsbezoeker werkt sinds 1979 bij zijn werkgever. Hij heeft zelf een auto aangeschaft en rijdt zowel zakelijke als privékilometers. De werkgever vergoedt de zakelijke kilometers tegen € 0,31 per kilometer, waarbij hij € 0,12 als belastbaar loon aanmerkt en hierover loonheffingen afdraagt. In zijn aangifte inkomstenbelasting geeft de accountmanager € 5.673 aan als aftrekbaar bedrag aan scholingsuitgaven. In de omschrijving vermeldt hij dat het geen studiekosten zijn, maar de belaste kilometervergoeding. Het betreft geen inkomsten, maar gemaakte kosten om zijn werk te blijven verrichten. De inspecteur accepteert de aftrek van scholingsuitgaven niet.
De rechtbank overweegt dat de werkgever de kilometervergoeding boven de € 0,19 op grond van de Wet LB 1964 terecht als belastbaar loon aangemerkt. De stelling van de accountmanager dat de wet onbillijk is, kan hem niet baten. De rechtbank is niet bevoegd op grond van redelijkheid en billijkheid de juiste wetstoepassing achterwege te laten. De rechtbank moet volgens de wet rechtspreken en mag nooit de innerlijke waarde of billijkheid van de wet beoordelen. Er is geen sprake van discriminatie tussen het geval van de accountmanager en werknemers met een leaseauto, omdat deze gevallen zowel feitelijk als juridisch niet aan elkaar gelijk zijn. Ook een beroep op het vertrouwensbeginsel ten aanzien van de aangifte inkomstenbelasting, waarbij aftrek in eerdere jaren wel is geaccepteerd kan de accountmanager niet baten. De aangiften over eerdere jaren zijn niet gecontroleerd en er is geen sprake van een bewuste standpuntbepaling van de inspecteur.
Het hof sluit zich bij de overwegingen van de rechtbank aan.
Bron: Hof Den Bosch 20-01-2017; Rb. Zeeland-West-Brabant 3-09-2015
Transitievergoeding bij ontslag wegens langdurige ziekte
Transitievergoeding bij ontslag wegens langdurige ziekte
De kosten van die compensatie worden volgens het voorstel dan gedragen door alle werkgevers, via de uniforme premie voor het Algemeen werkloosheidsfonds. De Raad van State heeft kritisch geadviseerd over dit voorstel. De Raad vraagt zich waarom niet is teruggegaan naar de situatie voor de Wet werk en zekerheid: geen vergoeding bij ontslag wegens langdurige ziekte. Nu wordt de oorzaak van het probleem voor werkgevers (cumulatie van de kosten van loondoorbetaling en transitievergoeding) niet aangepakt, maar slechts de kosten verdeeld over alle werkgevers. Ook verwacht de Raad van State hoge uitvoeringskosten.
Een ander voorstel uit het wetsvoorstel is dat geen transitievergoeding hoeft te worden betaald bij ontslag om bedrijfseconomische redenen, als in de cao een vervangende voorziening is opgenomen. Hier verwacht de Raad van State een toename aan procedures. Want wanneer is sprake van een vervangende voorziening. En wat als een cao niet algemeen verbindend is verklaard? In dat geval zou een werknemer die geen lid is van een vakbond die partij is bij de cao niet gehouden zijn aan die vervangende cao-bepalingen en aanspraak kunnen maken op de wettelijke transitievergoeding.
Bron: TK 2016-2017, 34 699, nrs. 2, 3 en 4
Actieplan tegen zwangerschapsdiscriminatie
Actieplan tegen zwangerschapsdiscriminatie
Volgens het College voor de Rechten van de Mens heeft bijna de helft van de vrouwen in meer of mindere mate te maken met zwangerschapsdiscriminatie. Zo worden zwangere vrouwen soms afgewezen bij sollicitaties, wordt hun contract niet verlengd of kunnen ze geen promotie maken. Ook krijgen zwangere vrouwen soms openlijke kritiek of hebben ze problemen met hun werkgever rond het regelen en opnemen van verlof.
De afgelopen periode is er op initiatief van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid met allerlei betrokkenen een actieplan gemaakt met dertien extra maatregelen om zwangerschapsdiscriminatie aan te pakken. Zo worden (aanstaande) moeders onder meer met een speciale app beter op hun rechten en plichten gewezen en er komt meer informatie over dit thema in de groeiboekjes van de consultatiebureaus en de GGD. Ook gaat het team Arbeidsdiscriminatie van de Inspectie SZW gerichter toezicht houden op zwangerschapsdiscriminatie en werkgevers beter voorlichten.
Bij het maken en uitvoeren van het actieplan tegen zwangerschapsdiscriminatie zijn onder meer de Inspectie SZW, werkgeversorganisaties en vakbonden, de Koninklijke Organisatie van Verloskundigen (KNOV), de Vereniging Jeugdartsen Nederland, de Nederlandse Vereniging voor Arbeids- en Bedrijfsgeneeskunde, het Voedingscentrum, het UWV en het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen betrokken.
Bron: Min SZW 22-03-2017
Statutair bestuurder aangemerkt als dga
Statutair bestuurder aangemerkt als dga
Een vennootschap gaat failliet en de curator ontslaat de statutair directeur die tevens 40% aandeelhouder is. De statutair directeur vraagt daarop bij het UWV een WW-uitkering aan. Hij meent dat hij daar recht op heeft omdat hij onder feitelijk gezag zou hebben gewerkt van de algemeen directeur. Het UWV betwist dit en weigert de uitkering.
Voor de Centrale Raad van Beroep (CRvB) staat niet meer ter discussie dat er sprake is van een arbeidsovereenkomst. Wel moet volgens de CRvB op grond van de Regeling aanwijzing directeur-grootaandeelhouder (de Regeling) de arbeidsovereenkomst niet als dienstbetrekking worden aangemerkt.
Ter zitting heeft de statutair directeur zich vervolgens op het standpunt gesteld dat deze uitkomst in strijd is met een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie betreffende de bescherming van de werknemers bij insolventie van de werkgever. Hij heeft daartoe aangevoerd dat de Regeling een verdergaande beperking inhoudt van de bescherming van werknemers bij insolventie dan op grond van de Insolventierichtlijn mogelijk is. De CRvB komt echter tot de conclusie dat de groep van personen die op grond van de Regeling wordt uitgesloten van een insolventieuitkering in de regel overeenkomt met de groep die daar op grond van toepassing van de Insolventierichtlijn van kan worden uitgesloten.
De Regeling bepaalt tot slot dat het UWV bevoegd is een bestuurder niet als directeur-grootaandeelhouder aan te merken, indien deze door feiten en omstandigheden aantoont daadwerkelijk ondergeschikt te zijn aan de AVA. Daar de statutair directeur niet heeft aangetoond dat hij feitelijk in een positie van ondergeschiktheid tot de vennootschap stond, is volgens de CRvB geen aanleiding om hem niet als directeur-grootaandeelhouder aan te merken.
Bron: CRvB 15-03-2017