Halfjaarsrapportage Belastingdienst: digitaal bezwaar indienen

Het thema van de 19e halfjaarsrapportage Belastingdienst is de interactie tussen de Belastingdienst en burgers en bedrijven. Het aantal beschikkingen moet worden verlaagd en er wordt gewerkt aan een voorziening om langs digitale weg bezwaar in te dienen.

De communicatie van de Belastingdienst naar de belastingbetaler sluit nog niet voldoende aan bij de praktijk van de belastingbetaler. Mensen zijn gewend digitaal zaken te doen, terwijl de Belastingdienst nog vooral brieven stuurt. De brieven worden ook vaak op een voor de belastingbetaler onlogisch moment ontvangen, wat resulteert in (teveel) telefoontjes naar de Belastingdienst. Het streven is om de interactie met de belastingbetaler te moderniseren en te vergemakkelijken, waarbij zo veel mogelijk gebruik wordt gemaakt van digitale middelen. Het aantal juridische beschikkingen moet de komende jaren sterk worden verminderd. Belastingplichtigen moeten bijvoorbeeld op ieder gewenst moment overzicht hebben van hun fiscale situatie. Het aantal formele bezwaren moet omlaag.
Er wordt op dit moment gewerkt aan een nieuwe voorziening om langs digitale weg bezwaar in te dienen. Onderdeel van de nieuwe voorziening is een module die de belastingplichtige meer duidelijkheid kan geven over het nut en de noodzaak om bezwaar in te dienen, en die aangeeft of er ook een andere route is voor wat hij wil bereiken (bijvoorbeeld een verzoek om uitstel van betaling indienen). Verder zal in de nieuwe voorziening het verloop van een ingediend bezwaar zichtbaar zijn. Een nieuwe, digitale aangifte als correctie op de al ingediende aangifte wordt nu vaak als bezwaarschrift behandeld hetgeen vragen oproept bij de belastingplichtige. Aanvullingen die via MijnBelastingdienst worden doorgegeven zullen in beginsel de routing gaan volgen van een verzoek om ambtshalve vermindering, in de vorm van een aangepaste aangifte. Een onjuiste aanslag wordt door de inspecteur verminderd. Indien het verzoek geheel of gedeeltelijk wordt afgewezen dan doet de inspecteur dat bij een voor bezwaar (en vervolgens beroep) vatbare beschikking zodat op een primaire afwijzing van de aanvulling altijd nog een bezwaarfase komt voordat naar de rechter moet worden gegaan.
Bron: MvF 20-04-2017